Tag: relaties

  • Trans Holocaust

    Laatst kwam mij een document ter oge, wat ik echt even met jullie moet delen. Het gaat om het werk van Eli Erlick die een verslaglegging doet van wat er bekend is over het lot van transmensen in de aanloop naar en tijdens de Nazi Holocaust. Je vindt het hier.

    Veel mensen zijn zich niet geheel bewust van hoe trans- en queer personen in die tijd behandeld werden. Eerlijk gezegd, was ik dat ook niet. Onder het mom van een gevaar voor “positieve populatiegroei” werden we als vijanden bestreden, op cultureel- en op staatsniveau, wat elkaar versterkt. Transpersonen werden opgepakt, gesteriliseerd en in concentratiekampen of in gesloten klinieken gestopt.

    1921: Transpersonen van over de hele wereld bezoeken het ‘Institute of Sex’ in Berlijn. Deze foto toont vier transactivisten bij de ‘First International Conference for Sexual Reform’.

    Los van de horror die deze documentatie in woorden en beelden weergeeft, word ik blij en hoopvol, vooral van de beelden (zie de afbeeldingen rond deze blog en op de webpagina van Eli Erlick). Het is naast een verslaglegging van iets verschrikkelijks, ook een historische representatie van de aanwezigheid, het bestaan en de kracht van mijn transsibbes (sibbe is een genderneutraal woord voor broer of zus). Een representatie die ik in de reguliere geschiedschrijving niet ben tegengekomen. Zij en ik delen een mentale toestand en een identiteit die eeuwen, millennia, waarschijnlijk tot sinds het bestaan van mensen en nog daarvoor teruggaat. In de rest van het dierenrijk zien we ook gedrag dat als trans te typeren valt, vandaar mijn vermoeden dat dit ook bij onze genetische voorouders “een ding” was. In ieder geval geven de foto’s me een gevoel dat ik deel mag zijn van het leven, van het bestaan, en dat transpersonen er altijd al zijn geweest. Dat transidentiteiten bij het leven horen, als lauw tussen warm en koud. Ik kan me voorstellen dat je dit misschien een contra-intuïtieve reactie lijkt op een verslaglegging over onze vervolging in Nazi Duitsland.

    Er wordt soms, de afgelopen jaren meer en meer, gedaan in de maatschappij, in sommige media en door sommige mensen alsof trans mensen nieuw zijn in de wereld. Onderdeel van het woke-virus. Maar, we zijn er altijd al geweest. Het is misschien wel waar dat we in de jaren nul en tien van deze eeuw net even een beetje meer aandacht en een beetje meer liefde kregen. Een verademing. Het was alsnog een stuk minder dan we nodig hadden voor een gelijkwaardig bestaan, alsnog een stuk minder dan we nodig hadden om in goede gezondheid te leven, om eenzelfde levensverwachting te hebben en om mee te kunnen doen in de maatschappij.

    Ook in de jaren 20 van de vorige eeuw gebeurde er zoiets. Transpersonen kregen hun eigen ontmoetingsplekken en de gezondheidszorg besteedde aandacht aan seksuele diversiteit. En net als toen, zijn er nu 10-20 jaren later, groepen mensen in de maatschappij opgestaan die deze liefde de kop in willen drukken. *Terug naar de schaduwen jullie!* Ze schetsen ons af als onmenselijk, als monsters. Soms ga ik er zelf in geloven, geïnternaliseerd cissexisme noem je dat. Een klein beetje maar, gelukkig. De geluiden in de maatschappij, de politiek, de media, de nsb vlaggen en stickers zorgen ervoor dat ik met meer angst over straat loopt. Bang om uitgescholden, bespuugd of in elkaar geslagen te worden. Ik hoop dat ik die angst nooit hoef te laten overwinnen. Ik ben benieuwd waar deze conservatieve kramp toch vandaan komt. De geschiedenis is nog niet zo oud misschien?

    1928: De Eldorado club in Berlijn opent een nieuwe locatie en is een van de meest populaire transgender clubs in de wereld(bron).

    Help je mee om het deze keer niet zo ver te laten komen?

    Spreek je uit als je iemand iets denigrerends hoort zeggen over of tegen transpersonen. Sluit je aan bij Pride marsen en andere demonstraties voor lgbtq+ personen. Noem iemand bij hun gewenste voornaamwoorden (dit maakt echt uit voor het mentale welzijn van die persoon!). Neem een transwerknemer aan of wees een keer extra lief voor die collega of buur. Koop mijn boek Jayna in het Symbioceen als die uit is (hopelijk eind dit kalenderjaar). Doneer aan stichtingen die opkomen voor de rechten en maatschappelijke positie van lgbtq+’ers zoals Transgendernetwerk, COC en Hivos.

    Én stem op een partij die ons de liefde en het respect geeft die we verdienen en opkomt voor onze maatschappelijke positie. Op 18 maart mogen we weer een hokje rood kleuren voor de gemeenteraadsverkiezingen. Een niet geheel onbevooroordeeld stemadvies van mij zou zijn om op de Partij voor de Dieren te stemmen natuurlijk. Die komen op voor de meest kwetsbare groepen in de samenleving. Als je in Dordrecht woont kun je zelfs op een trans persoon stemmen, op mij! Kies dan voor de nummer 8, Laura van Driel, van lijst 7, de Partij voor de Dieren.

    De keuze is uiteraard aan jou, maar hopelijk wil je het lot van je queer- en transmedemensen meenemen in je beslissing.

    De afbeeldingen in deze blog komen van Eli Erlick. De twee afbeeldingen tussen de teksten zijn uit Weimar Duitsland (1921 en 1928). In de galerij staan foto’s uit Weimar Duitsland, Napels (1897), Mexico (1915) en Tokyo (1969). Eli geeft de foto’ s kleur en ze restaureert en digitaliseert foto’s die de queer- en transgeschiedenis tonen. Kijk op https://elierlick.com/color/ voor haar kleurrijke en inspirerende collectie. De bijschriften onder de foto’s heb ik vertaald vanuit de originele teksten van Eli Erlick.

  • Raakvlakken

    Persoonlijkheden zullen wel nooit helemaal op elkaar passen. Soms past een kant van de een heel goed op die van een ander, soms niet. Soms heeft iemand een flexibelere persoonlijkheid en kan ze die beter op die van een ander aanpassen.

    Soms raak je elkaar een beetje, soms op een heel bijzondere manier.

    Vier elkaar rakende vormen.

    Met een mier heb ik meestal minder raakvlak dan met een vriendin van het menselijke soort, maar dat kan voor een ander weer anders zijn.

    Sommige persoonlijkheden hebben zo veel scherpe randjes en rare hoeken, dat een mier daar misschien wel heel goed tussen past.

    Als je bij elkaar voelt dat de scherpe randjes de ander prikken of snijden, kun je misschien maar beter even een beetje draaien en verschuiven tot je weer raakvlak hebt gevonden.

    Tenzij je zin hebt in ruzie natuurlijk. Wie weet creëer je daardoor wel een nieuw raakvlak. We veranderen onze vorm en persoonlijkheid namelijk ook vaak genoeg, niet alleen door ruzie hopelijk. Dan is het raakvlak wat we hadden er ineens niet meer.

  • De verbinding aangaan

    Gisteren en vandaag ben ik voor het eerst gaan flyeren op straat voor de Partij voor de Dieren. Naast de vele afwijzingen van niet-stemmers en mensen die al zeker zijn van hun keuze, namen er ook aardig wat mensen een folder aan en in opvolging van mijn vraag, “weet u al wat u gaat stemmen?”, heb ik een aantal interessante gesprekken gehad.

    Vandaag sprak ik met een vrouwelijke PVV stemmer. Het was eigenlijk een fijn en redelijk genuanceerd gesprek, dit had ik op voorhand niet verwacht. Ik was juist bang voor de gemiddelde pvv-stemmer, zijn die niet agressief naar een vegan, transvrouw (super woke) als ik? In dit geval helemaal niet dus.

    Er was een soort revolutionaire mentaliteit die ik bij haar proefde. Ze had het er over dat Wilders mensen aanzet om in opstand te komen, wat ze iets goeds vond. “Als we met een derde van Nederland aankomen in Den Haag, dan is het wel duidelijk hoe dat afloopt”, zei ze. Het beangstigde me niet. Op een of andere manier ging ik er een beetje in mee. “Ja, wij zijn met meer” zei ik. Ik had het erover dat wij, het volk, met meer zijn dan de financiële elite.

    Haar filosofie was die van de instructie van de stewardess op een vlucht. Eerst voor jezelf zorgen voor je voor anderen kan zorgen. Eerst de problemen rond zorg, woningen en armoede in Nederland oplossen, voor je de deur openzet voor anderen. Ze wilde een eerlijkere samenleving. Ze had echt wel te doen met mensen die vluchten gaf ze aan, ik bemerkte geen demoniserende beeldspraak.

    Enerzijds ben ik het met haar eens dat we die problemen hier moeten aanpakken, anderzijds denk ik dat er genoeg welvaart is voor iedereen, alleen moet dat beter verdeeld worden. En ik zie ons allen als aardbewoners, niet als Nederlander en Oekraïner en ik hoop dat we elkaar voorbij de landsgrenzen als sibbes (noot: sibbe is een genderneutrale aanduiding voor broer of zus) kunnen zien en voor elkaar kunnen zorgen, voor zover we kunnen.

    Ze kon zich er in vinden dat de mensen die hierheen vluchten waarschijnlijk ook liever in hun eigen land waren gebleven. Zij concludeerde vervolgens dat we daarom ook zo veel mogelijk opvang in de regio moeten faciliteren. Ik legde uit dat in de landen die oorlogsgebieden omringen al giga veel vluchtelingen worden opgevangen, “in Libanon bestaat de helft van de populatie uit vluchtelingen”, het stroomt daar over en dat komt naar ons toe, met gevaar voor eigen leven. Er leek wel openheid aan haar kant, maar ze kwam vervolgens wel met het voorbeeld van de Egyptenaar (haar man kwam uit Egypte), die 6000 euro kan betalen voor een nep paspoort en een boottocht naar Europa. Hier had ik nog even door mogen vragen, wat is hier het probleem volgens haar precies, zou ik willen weten. Ik kreeg het idee dat ze bedoelde dat deze mensen hierheen komen, zonder dat ze echt hulp nodig hebben, zoals een oorlogsvluchteling. Ik bracht in dat er velen sterven op deze boten, “ze nemen dat risico toch niet zomaar?”

    Ze gaf aan vroeger op de Partij voor de Dieren gestemd te hebben, maar nu iemand wil die zorgt voor verandering en opstand, daar heeft de PvdD te weinig zetels voor. Ze is het wel eens met onze standpunten gaf ze aan (hoe je dan vervolgens bij de PVV uitkomt is mij nog een raadsel, maar zo’n gesprek is helaas niet lang genoeg om alles te doorgronden). Ik heb nog uitgelegd dat ik als transvrouw me niet veilig voel bij Wilders, die handelt niet in mijn belang, ik gaf aan dat ik hem eigenlijk een engerd vind. Ze leek het enigszins te snappen, ze gaf aan dat ze niet denkt dat hij een fijne man is. Maar ze doet het, stemmen op hem, omdat hij voor opspraak zorgt.

    We waren allebei overwegend rustig in het gesprek. En zo voelde het, een gesprek. Dat ik transvrouw ben stond niet in de weg. We waren allebei jonge vrouwen, ik denk dat ze ongeveer dezelfde leeftijd heeft. We konden elkaar vinden op sommige punten, dat probeerden we actief. We luisterden naar elkaar en hopelijk heb ik haar aan het denken gezet. Ze heeft mij in ieder geval ook aan het denken gezet, ik ben iets minder bang geworden voor de PVV-kiezer. Er was verbinding.

    Er is genoeg voor iedereen.
  • “Mommy Duty”

    De afgelopen maand heb ik wat minder blog’s geschreven dan ik van plan was en dat had er alles mee te maken dat mijn tijd ergens anders aan opgeslokt werd. Tien weken geleden is een goede vriendin bevallen van Willow.

    Vanaf halverwege maart ben ik ongeveer wekelijks een volle dag aan het helpen met vasthouden, knuffelen, luiers verschonen, rondjes lopen (dan stopt die met huilen, werkt dat met grote mensen ook niet zo?), liedjes zingen, aankijken. De vriendin noemt het ‘mommy duty’. Zo langzamerhand begin ik verliefd te worden, het voelt echt als een soort vlinders in mijn buik. Heerlijk vind ik het.

    Echt een speciale ervaring om zo’n nieuw leven te zien spartelen en veranderen. Vooraf had ik eigenlijk geen idee wat ik moest verwachten, het leek me wel leuk. Maar op de een of andere manier zijn mijn verwachtingen toch van hier tot aan Neptunus overtroffen. Een baby is leuk 🙂

  • Samen of alleen, een verhaal over gezelschap en planten

    Het groeien van planten en bomen samen met andere soorten planten en bomen kan zeer positief uitpakken. De ene plant heeft bijvoorbeeld een chemisch goedje dat het uitscheidt wat de beestjes die de andere plant willen opeten niet fijn vinden en zo blijven de beestjes weg. De planten beschermen elkaar tegen de wind en regen, te felle zon. Soms is er een plant die voedingsstoffen haalt van heel diep uit de bodem en vervolgens achterlaat, meer aan de oppervlakte, waar een andere plant er bij kan. Zo bekeken kan het hartstikke leuk zijn om meerdere verschillende planten bij elkaar te zetten. Men noemt dit ‘companion planting’ (een goed Nederlands woord heb ik er nog niet voor gevonden. Plantenvriendschap?).

    Hier zie je mij struiken planten in de voedselbostuin van mijn moeder in Frankrijk.

    Waar planten om concurreren, is genoeg zonlicht en voedingsstoffen. Dat zie je bijvoorbeeld als je te veel bomen dicht op elkaar zet, dan valt er onder het bladerdek geen licht meer en kunnen lage planten, struiken en bodemkruipers niet meer groeien. Of, als je een pompoen, komkommer en tomaat heel dicht bij elkaar laat groeien, dan zitten er te weinig voedingsstoffen in de grond om ze allemaal een mooie vrucht te laten maken en krijg je geen of hele kleine vruchten.

    Zou bij mensen misschien iets vergelijkbaars gebeuren? Je hoort soms mensen, psychologen en zelfhulp professionals zeggen, sociaal contact is heel belangrijk voor je gezondheid. Anderen zweren weer bij tijd alleen besteden, een lone wolf zijn. Als je naar de planten kijkt, kun je zeggen dat het er maar net aan ligt welke planten, of dus mensen, je om je heen hebt. Als je niet de juiste partner(s) of vriend(inn)(en) kan vinden die voordelig zijn voor jouw groei omstandigheden, dan kan het zelfs nadelig uitpakken als je omwille van de gedachte van maar sociaal contact moeten hebben, de verkeerde vrienden om je heen brengt die jou je licht en voeding ontnemen en misschien wel ziektes aantrekt waar jij niet tegen kan.

    Misschien is het daarom niet goed om te zweren bij het belang van sociaal contact als dit ervoor kan zorgen dat mensen de verkeerde ‘companions’ of, in goed Nederlands, de verkeerde metgezellen bij zich houden. Als je kijkt naar planten, dan is het gunstiger om de juiste metgezellen te hebben die jou beter laten groeien, dan om als plant afgezonderd in een stuk kale grond te staan. Dus, beter de juiste mensen om je heen dan helemaal alleen. Maar soms is afgezonderd in een stuk kale grond staan, beter dan met de verkeerde metgezellen.

    Ik moet denken aan mijn eigen ontwikkeling. Tot mijn 23e hield ik verborgen dat ik me niet fijn voelde in de rol als jongen en man die me bij de geboorte was toegewezen, ik voelde me prettiger als vrouw. Toen ik dit bekend maakte ben ik veel metgezellen verloren, wel meer dan 90 procent van mijn “goede vrienden”. Hoewel het zwaar was om te merken dat ze uit de Aarde om me heen met wortel en al weggerukt werden, het contact was weg, was dat waarschijnlijk beter voor mijn groei. In hun omgeving kon ik niet het licht, de lucht en de voedingsbodem krijgen die ik nodig had om als vrouw tot bloei te komen. Na een korte tijd van relatieve eenzaamheid en het komen en gaan van nieuwe metgezellen lijkt er nu een gezonde nieuwe balans van relaties en voedingsbodem gevonden die mij wel de mogelijkheid geeft om te groeien en bloeien.

    Toch is het voor een plant lastig om goed te gedijen in een stuk kale grond, in je eentje. Ook als een andere plant concurreert met jou voor het licht dat schijnt op een stukje Aarde en concurreert voor dat stukje Aarde (in de zin van ruimte en materie/voeding), heeft het voordelen om samen te staan. Een groter deel van de bodem wordt zo bedekt en is daardoor minder kwetsbaar voor erosie en het wegspoelen van voedingsstoffen door de regen. In totaal sla je meer koolstof op in de bodem en een meer diverse samenstelling van andere stoffen en zo verrijk je samen het bodemleven meer dan alleen. Dat verrijkt op lange termijn weer de hele bodem en dat maakt het voor iedereen weer een betere voedingsgrond om op te groeien.

    Ik moet denken aan collega’s, waar je enerzijds direct mee in concurrentie bent voor bijvoorbeeld een loonsverhoging of promotie binnen een beperkt budget. Maar, door de samenwerking kun je ook een mooier, beter en financieel stabieler en gezonder bedrijf neerzetten, waardoor de pot voor iedereen uiteindelijk groter en duurzamer wordt.

    Afbeelding van https://www.farmersalmanac.com/companion-planting-guide

    Maar oké, er zijn ook planten die alle ruimte innemen, zoals de Japanse duizendknoop of in sommige gevallen de brandnetel. Zo veel ruimte dat een ander helemaal geen licht meer krijgt en er dus ook niemand anders kan leven daar. Het ligt ook maar weer net aan de omstandigheden hoe overheersend deze planten zijn trouwens. In een bodem met heel veel stikstof zal de brandnetel zo hard groeien dat het anderen geen kans geeft, terwijl het in meer gebalanceerde bodems kan zijn dat er af en toe een brandnetel groeit, maar dat andere planten ook de ruimte krijgen of kunnen nemen omdat die genoeg van de juiste voeding kunnen vinden. Het fijne van de brandnetel is dat die de stikstofrijke bodem uiteindelijk weer meer in balans brengt, doordat die er zoveel uit kan opnemen. Die dominantie heeft tijdelijk dus wel degelijk nut en houdt ook vanzelf weer op.

    Enveloptekening. De rechter figuur toont dominantie.

    Kortom, zoek een leefomgeving met de juiste voedingsstoffen en metgezellen voor jou. Soms moet je even ergens alleen staan om het licht te krijgen om te groeien en komen er later weer goede vrienden bij. Het leven is enorm complex en zijn er allerlei verschillende relaties mogelijk die op een spectrum liggen van hoe positief ze voor individuele planten, of eh mensen, uitpakken. Je kunt niet zeggen dat het altijd beter is om samen te zijn, hoewel het volgens mij uiteindelijk wel beter uitpakt. Alleen zijn is een tijdelijke oplossing en eigenlijk zijn we nooit echt helemaal alleen, want op grote schaal is alles met elkaar verbonden.

    Het is ook het verhaal van ‘foute vrienden’ en de zorgen die ouders daar over kunnen hebben. Of iemand op het rechte pad kan komen, dat hebben we niet in de hand. En hoe fout zijn die vrienden? Is dit niet juist wat de bodem op dit moment voortbrengt en op dit moment nodig heeft? Een gezonde bodem zorgt voor een diverse groep, maar een ongezonde bodem heeft soms een plaag nodig om te herstellen.

    We zitten als mens misschien niet vast aan de bodem, maar ons leven is wel gedetermineerd. De juiste kennis en mogelijkheden hebben om op de juiste plekken en met de juiste mensen in contact komen is daarom een kwestie van geluk. Ons er al te veel zorgen over maken heeft dus ook geen zin denk ik. De kennis van de dynamiek die ik beschrijf bij planten kan er wellicht wel voor zorgen dat je wat beter door je leven en binnen relaties kan bewegen en kan duiden wat er nu precies gebeurt. En hopelijk kan het je wat mentale rust geven als je je door omstandigheden in een lastig parket bevindt.

    De nieuw aangeplante vlinderstruik zal veel bestuivers aantrekken die ook de perziken en appels zullen bevruchten.