Ik herinner me de wolken die zich opstapelden tot luchtkastelen boven Zuid-Hollandse bollenvelden met paars en rood en geel. Het uitzicht strekte zich uit van Sassenheim tot Noordwijkerhout, Hillegom en Lisse. Het waren de aangezichten van de lentes van mijn jeugd.
Soms pakte ik de fiets, een mountainbike, om te crossen door de Noordwijkse duinen. Geweldig vond ik dat. Net zo geweldig als ik nu hardlopen vind. Ben ik iets saaier geworden? Toen reed ik ook tussen de velden met bloemen door, waar luchtkastelen werden opgebouwd en afgebroken.
Op de grond leek alles pais en vree. De bloemen in bloei, de bussen met Chinese toeristen die langs afgelegen weggetjes tot stilstand kwamen, de bus ontsnapten en in hordes met spiegelreflexcamera’s kiekjes begonnen te maken om tien minuten later weer door de chauffeur gegrepen te worden en met de touringcar naar het volgende toeristische landschap te trekken. Business was booming.
Ondertussen voltrekt er een tragedie. Kinderen fietsen langs uitgestrekte bollenvelden richting school, het zwembad, vriendinnetjes, vriendjes, het strand en ademen de meest effectieve pesticiden – niet geschikt om in te nemen, wel om naar te kijken – hun kwetsbare longen in. Je kunt je hopelijk voorstellen dat het geen verbetering van de volksgezondheid oplevert. Maar ja, knaken levert het wel op, voor bedrijven dan. Een kapitalistische droom. Te mooi om waar te zijn.

Geef een reactie