Wellicht is deze gedachtegang al eens beschreven, maar dat weerhoudt mij er niet van het ook te doen.
Waar ik wat over wil zeggen is het woord marginalisatie en hoe dat een treffende symboliek meedraagt die de de ervaring, en mijn ervaring, van gemarginaliseerd worden goed beschrijft.
De marges zijn de randen die wel deel zijn van het geheel, maar er ook net zo goed af mogen vallen. Ik denk aan de marges die je op een poster ontwerp aanhoudt. Bij het snijden van je geprinte posters is dit het gebied wat wel eens afgesneden kan worden. Het is een soort bufferzone. Op een handgeschreven pagina, op papier een webpagina al deze of een elektronisch document, is het de ruimte die je leeg laat aan de buitenranden, de randen waar je geen inhoud in plaatst (hoewel, misschien soms een logo of pagina nummering, maar die objecten hebben vervolgens ook weer hun eigen marges).
Als onderdeel van een gemarginaliseerde groep heb ik soms het idee dat ik niet mee mag doen met de rest. Niet mee mag “spelen”, zoals dat met kinderen ook wel eens gebeurt. Ik word weggehouden van alles wat nuttig is en inhoud geeft aan de samenleving. Ik ben er wel, maar ik ben schijnbaar onzichtbaar, als de marges op een pagina.
Oké de woorden die ik gebruik zijn erg resoluut. In werkelijkheid is het meer een geleidende schaal van wel of niet mogen bijdragen aan de inhoud van de samenleving, van wel of niet mogen meespelen. Er zijn een aantal mensen aan wie ik een heel mooi deel aan hun leven mag bijdragen, ik heb een nuttige baan (hoewel zwaar onder mijn intellectuele kunnen) en ik ben in staat dit te schrijven en te delen op mijn website.
Maar, er zijn veel mensen die niet meer dan een oppervlakkige relatie met me willen aangaan, ik merk terughoudendheid van mensen om met me te praten, me aan te kijken of om verder de diepte in te gaan. Iets wat voor mijn gendertransitie minder was. Deze mensen hebben wellicht het beste met me voor, maar sluiten me bewust of onbewust toch uit. Ik denk een resultaat van honderden jaren aan christelijke indoctrinatie/cultuur.
Daarnaast is er een deel van de bevolking die mij nog echt als monster ziet en me ook zo behandeld. Denk aan: vies aangekeken worden, fysiek bedreigd worden, beledigd worden, niet aangenomen worden voor werk, het delen van beledigende of bedreigende woorden op sociale media. Dit is het deel van de samenleving die bij wijze van spreken de marges van het blad willen afsnijden.
Hun aanwezigheid op sociale media en de wettelijke grondslag die hun gedrag toestaat heeft er toe geleid dat ik me niet meer veilig op bepaalde sociale media (Facebook, Instagram, X) kan bevinden. Hier bevindt ik mij dan ook dus niet meer en dus kan ik niet meer bijdragen aan het maatschappelijke debat of simpelweg “spelen” in die gedeelde online ruimtes. (volg mij nog wel op Mastodon!)
Ook is het minder prettig en veilig om in publieke ruimtes aanwezig te zijn, hierin is mijn toegang en mijn zichtbaarheid dus ook beperkt door marginalisatie.
Het gedrag van beide groepen zorgt er direct en indirect voor dat ik veel minder kansen en ruimte heb om van waarde te kunnen zijn, om mee te spelen. Direct, door me uit te sluiten of door bepaalde ruimtes onveilig te maken. Indirect, door de psychologische trauma’s die ik er door oploop en de onnodige angsten die dat later weer oplevert. Ik vermoed dat dit voor andere gemarginaliseerde groepen ook zo werkt.
Misschien gebruik ik deze symboliek gewoon om mijn ongenoegen te uiten over de discriminatie waar ik zelf mee te maken heb en is de vergelijking niet helemaal treffend. Het hebben van marges op een pagina en poster is bijvoorbeeld erg handig en overzichtelijk, dat kan ik van mijn marginalisering niet zeggen. Niet handig voor mezelf althans. Maar, er valt iets voor te zeggen dat het hebben van simplistische discriminerende zienswijzen het makkelijker maakt voor mensen om te beoordelen wie en wat goed of fout is, bij wie en wat we uit de buurt moeten blijven, wie en wat we moeten aanvallen en wie en wat we mogen liefhebben.
Dus toch, er valt iets te zeggen voor het hebben van maatschappelijke marges. Het is een leidraad voor wie of wat we binnen of buiten onze samenleving willen houden of brengen om ons bestaan veilig, zeker en gezond te houden. Echter, op het moment zijn in onze samenleving de marges niet helemaal goed gedefinieerd. We zouden in plaats van bijvoorbeeld lhbtqi+’ers en mensen van kleur de ware morele monsters moeten marginaliseren.
Het zou goed zijn om daar maatschappelijk over in discussie te gaan. Wie zijn de ware morele monsters en wat zijn ware morele gruweldaden?
We kunnen allereerst erkennen dat we het belang van marginalisatie begrijpen en snappen waar het vandaan komt. Zo kunnen we de mensen die marginaliserend gedrag vertonen ook begrijpen en hun acties zien voor wat het is: een manier waarop ze denken de samenleving te beschermen. Het gaat om het onderscheiden van goed en fout, wel of niet veilig en dat is hartstikke nuttig, mits er op een juiste wijze gediscrimineerd wordt.
En, net als dat er in een Word document een logo of pagina nummering in de marge kan komen te staan, zijn er ook uitzonderingen voor maatschappelijke marginalisatie mogelijk. Die geven ons de kans om met de marges in contact te blijven en hopelijk in te zien als een groep onterecht in de marge terecht is gekomen. Ook als we de marges opnieuw hebben gedefinieerd is het goed om dat de blijven onthouden.

Geef een reactie